De zomer van 2021 zal in het geheugen van veel Limburgers gegrift blijven staan. Het zuiden van de provincie werd drie dagen achter elkaar door hevige wateroverlast getroffen. De diaconie van de Protestantse Gemeente Maas-Heuvelland schoot te hulp, evenals veel andere diaconieën in het land die spontaan geld overmaakten.

Margo van Haeringen, secretaris van de diaconie, is daar enorm door geraakt. “We zien het bedrag nog steeds hoger worden. Als buitenstaander zou je denken dat het probleem van de wateroverlast nu wel achter de rug moet zijn, het water is immers gezakt. Maar voor de bewoners hier is de ramp nog dagelijkse realiteit. Als diaconie bekijken we wat mensen nodig hebben. We hebben in samenwerking met een stichting een loods waar artikelen gebracht en gehaald kunnen worden. Uit het hele land worden goederen aangeboden, zoals schoonmaakartikelen, bedden, matrassen, kleding, voedsel, keukengerei en meubels. Waar nodig kopen we nieuwe goederen. We focussen momenteel op witgoed: wasmachines, drogers, koelkasten, enzovoort. Voor veel mensen zijn al die apparaten onbruikbaar geworden. Sommige gezinnen zagen hun hele huisraad in containers verdwijnen.”

Helpen

Zo snel als het water kwam, zo snel was het ook weer weg, zag Van Haeringen, maar wat er achterbleef was onbeschrijfelijk. “Huizen en bedrijven waren deels ondergelopen, straten waren gedeeltelijk ingezakt omdat alle grond eronder was weggezakt. Het was echt een grote bende, overal bleef modder achter en de stank was enorm. Mensen bleven continu doorwerken om alles droog en schoon te krijgen. Velen waren bekaf. Er was ook veel gelatenheid. De verzekering helpt tot op zekere hoogte, het geld van de gemeente Valkenburg, € 1000,- per gezin, is zo op. Veel zaken zijn failliet gegaan. Op zo’n moment kun je alleen maar helpen.”

Hartverwarmend

De Protestantse Gemeente Maas-Heuvelland kwam snel in actie. De Kloosterkerk in Valkenburg, niet getroffen door het water, werd opengezet. Er was koffie, er was tijd voor een praatje, mensen kon even bijkomen. Ook goederen voor gedupeerden, bijeengebracht door burgers, konden daar een plek krijgen. “Diaconieën uit het hele land namen contact met ons op en doneerden een flinke bijdrage voor de slachtoffers. Bij elkaar is dat een prachtig bedrag geworden. Die solidariteit en saamhorigheid hebben we als hartverwarmend ervaren. Vanuit Zeeland kwam de boodschap: ‘In 1953 zijn wij geholpen, nu zijn wij aan de beurt.’ Hier zijn we christenen voor, dit is helpen wie geen helper heeft.”

Dankbaar

De diaconie heeft een brief opgesteld voor hulpverleningsinstanties met de oproep om bij ons aan te geven als mensen financiële hulp nodig hebben. “We zien dit als aanvullend op de hulp vanuit de burgerlijke gemeente zoals de sociale dienst en de Voedselbank.”

Er is hier veel dankbaarheid, ervaart Van Haeringen. “In deze rooms-katholieke omgeving zijn mensen erg onder de indruk van wat de protestantse gemeente voor hen doet.” De diaconie wil op haar beurt dank zeggen aan alle diaconieën in het hele land die spontaan geld gestuurd hebben. ”We hebben niet van alle donateurs contactgegevens, en willen hen graag via deze weg hartelijk danken. De problemen zijn hier nog lang niet opgelost, als diaconie blijven we voorlopig alert. Zonder hulp zouden we veel minder kunnen doen. Heel veel dank, mede namens de getroffenen.”