De Bethlehemkerk begon met dit blog in de veertigdagentijd. Het eerste bericht van Mieke van der Veen ging over recepten voor de vastentijd onder de noemer ‘Niet snoepen, toch iets lekkers’. De adventstijd was in Bachs tijd in Leipzig ook een vastentijd, een tijd van inkeer en bezinning. Ook nu merken we daar nog iets van in de Bethlehemkerk: de liturgische kleur voor advent is paars en er klinkt in deze periode geen glorialied. In Leipzig mocht in de adventsperiode geen concertante kerkmuziek klinken na eerste advent. Bach schreef in zijn Leipziger periode (vanaf 1723) geen cantates voor deze tijd (eerder had hij in Weimar nog wel cantates voor de andere adventszondagen geschreven, maar die heeft hij grotendeels omgewerkt voor andere kerkelijke zondagen). Bach gebruikte deze ‘rustige’ periode voor het componeren van zijn vele cantates voor de feestdagen rond Kerst (destijds drie kerstdagen!), Nieuwjaar, Epifanie (Driekoningen) en alle tussenliggende zondagen. Na deze verstilde tijd volgde ‘een ware explosie van feestelijke muziek’, aldus de dirigent en Bachkenner John Eliot Gardiner in zijn boek Bach. Muziek als een wenk van de hemel (Amsterdam, 2014, p. 382).  

Tijdens de adventsperiode was het in Leipzig dus stil. Ik vind die ‘adventsstilte’ uit Bachs tijd wel een mooie gedachte. Tegelijkertijd zou ik er wel veel moeite mee hebben om niet naar muziek te kunnen luisteren, juist in deze periode. Gelukkig valt er voor ons in deze moderne tijd, waarin alles op cd’s en internet te vinden is, op ieder gewenst moment heel veel muziek van Bach en anderen te beluisteren. Naar analogie van het eerste blog uit de veertigdagentijd zou je kunnen denken: ‘Adventsstilte, maar toch mooie muziek’.

In deze aflevering voor de tweede adventsweek wil ik aandacht vragen voor de cantates van Bach voor eerste advent die ik in het vorige blog nog niet besproken heb. Het is nu een mooie gelegenheid om deze werken alsnog te beluisteren (en verschillende uitvoeringen te vergelijken, voor wie dat leuk vindt). Hieronder geef ik per cantate verwijzingen naar uitvoeringen van de Nederlandse Bachvereniging, Herreweghe en Gardiner. Op de website van de Bachvereniging is desgewenst uitgebreide achtergrondinformatie over de cantates te vinden. Ik besluit met een orgelwerk en een persoonlijke noot.

Nun komm, der Heiden Heiland (BWV 62)

Schwingt freudig euch Empor (BWV 36)

Graag wijs ik ten slotte nog op een orgelbewerking van Bach over het lied ‘Nun komm, der Heiden Heiland’ (BWV 599). Bach opent zijn Orgelbüchlein (een onvoltooid manuscript met koraalbewerkingen voor het kerkelijk jaar) met dit koraal. Hier gespeeld door Dorien Schouten op het koororgel in de Bovenkerk in Kampen: https://www.bachvereniging.nl/nl/bwv/bwv-599/

In de toelichting op de website van de Bachvereniging wordt dit stuk treffend als volgt omschreven: ‘Dit koraalvoorspel zit vol met wankelende, wenkende motiefjes, alsof elk van de vijf stemmen voortdurend “nun komm, nun komm” wil zeggen.’ In de achtergrondvideo bij dit stuk licht Dorien Schouten het heel mooi toe.

Ik moet bij BWV 599 altijd denken aan de uitvoering van Jan Jansen, destijds organist van de Utrechtse Domkerk. Ik herinner me een zaterdagmiddagconcert aan het begin van de advent in de Domkerk waarbij hij Bachs Orgelbüchlein speelde. De bijbehorende koralen werden gezongen door de cantorij. Dat was schitterend. Er bestaat ook een cd van en die behoort tot mijn favoriete Bach-opnames. Die ga ik zeker weer beluisteren in deze verstilde adventstijd!

Marco Goud

Plaats reactie